Sportzomer-heimwee

Elk jaar verander ik tijdens de zomer in een sport leipi. Minimaal een maand lang kijk ik elke dag minimaal twee uur als een bezetene naar een TV-scherm. Ik houd pouletjes bij, ik lees elke dag de sportkrant, kortom: het kan niet op.

Hoe ouder ik word, hoe meer ik herken dat het eigenlijk een jaarlijks Tour-de France fenomeen is, wat in mij naar boven komt. Aan het begin van de Tour weet ik niks. En nog geen 2,5 week later als de commentator op TV start over een willekeurig blauw shirt met rugnummer 74 die ontsnapt uit het peloton, hoor ik mijzelf voor-, achternaam en de ploeg naar het scherm mompelen alsof het mijn eigen zoon is die de kop neemt in werelds grootste wielerwedstrijd.

Het jaarlijkse riedeltje Roland Garros-Wimbledon-Tour de France werd dit jaar eindelijk weer eens onderbroken door het WK voetbal.

102 wedstrijden aan puur geluk stonden me, naast al het andere sportgeweld, gewillig aan te staren. Nu, een maand verder, zijn we bijna aan het einde gekomen van het toernooi. Ik heb er denk inmiddels zo'n 20 van de 102 minimaal helemaal heb gezien. En opeens bevliegt me een vreemd soort heimwee, nu ook de Tour al lijkt beslist.

Nog 1 potje genieten dan maar. En dan weer terug naar....ja...naar wat eigenlijk?